De hand die vanzelf omhoogkomt
Derde stuk in de reeks over hypnosetechnieken — wat ze aantoonbaar doen, en welk mechanisme-verhaal eromheen hangt. Deel 1: De
Derde stuk in de reeks over hypnosetechnieken — wat ze aantoonbaar doen, en welk mechanisme-verhaal eromheen hangt. Deel 1: De
Wat betekent “dieper” in hypnose? Er is geen dieptemeter — “diepte” is zelfrapportage die meeloopt met suggestie en verwachting. Deel 2 van de techniekenreeks.
Wat doet een hypnose-inductie echt? Niet een schakelaar die het bewuste uitzet, maar een procedure die condities schikt — met verwachting als motor. Opener van de techniekenreeks.
Sommige verhalen over klachten kunnen niet verliezen: verbetering bevestigt ze, verslechtering ook. Over Popper, belief perseverance en de vraag die therapie weer toetsbaar maakt.
Het verhoor van Grapperhaus laat zien wat druk met geheugen doet. Over reconstructie, confabulatie onder dwang en waarom hypnose geen archief opent.
De presuppositie — hoe een coach of therapeut een aanname als vanzelfsprekend binnensmokkelt, zodat je er niet tegenin kunt. Slot van de reeks over therapeutees.
Hoe een losse neiging in NLP-taal verandert in een ‘metaprogramma’ dat je ‘hebt’ — reïficatie, en waarom een bruikbare tip nog geen ding in je hoofd bewijst.
De behandelaar die zegt te zien wat jij niet zegt — over koud lezen met gezag, de omgekeerde bewijslast, en het verschil met echte klinische empathie.
Sommige zinnen in coaching en therapie zijn zo gebouwd dat elke reactie ze bevestigt. Over onfalsifieerbare taal, de dooddoener, en het verschil tussen een scherpe observatie en een gesloten lus.
Als het zelf altijd een model is, wat is dan gewoon wakker zijn? Over het doorzichtige zelfmodel, alledaagse trances, en het verschil in graad tussen waak en hypnose.