Schikken, niet schakelen
Vijf technieken beloofden een schakelaar; elke keer bleek het een schikking. Het bindende slotstuk van de techniekenreeks — over de ene motor onder de variatie, en waarom werking geen mechanisme bewijst.
Vijf technieken beloofden een schakelaar; elke keer bleek het een schikking. Het bindende slotstuk van de techniekenreeks — over de ene motor onder de variatie, en waarom werking geen mechanisme bewijst.
Snelle en show-inducties lijken de zuiverste hypnotische macht — maar juist de dramatiek toont het gewone mechanisme: verwachting, voorselectie en suggestie. Deel 4 van de techniekenreeks.
Derde stuk in de reeks over hypnosetechnieken — wat ze aantoonbaar doen, en welk mechanisme-verhaal eromheen hangt. Deel 1: De
Wat betekent “dieper” in hypnose? Er is geen dieptemeter — “diepte” is zelfrapportage die meeloopt met suggestie en verwachting. Deel 2 van de techniekenreeks.
Wat doet een hypnose-inductie echt? Niet een schakelaar die het bewuste uitzet, maar een procedure die condities schikt — met verwachting als motor. Opener van de techniekenreeks.
Neuromythes in het onderwijs: de plek waar de coach en de therapeut hun verklaring leerden. Slot van het drieluik over de gevolgen van neuromythes.
Generative trance van Stephen Gilligan corrigeert terecht de rol van het bewuste, maar blaast het onbewuste op tot een kosmisch veld met kwantumtaal. Werken is niet hetzelfde als waar zijn.
De NLP-claim dat oogbewegingen geheugen en gedachten verraden is herhaaldelijk getoetst en weerlegd. Wat de blik wél prijsgeeft — en wat niet.
Na een sessie voelt het lichter — de lading is eraf. Maar dezelfde opluchting past bij meerdere mechanismen. Dat het werkte, verklaart niet waardoor.
Een placebo werkt zelfs als je eerlijk vertelt dat het een placebo is. Verleidelijk om hypnose dan af te doen als ‘gewoon placebo’ — maar het bewijs snijdt naar twee kanten.